woensdag 17 november 2010

Naaktmodel

Deze les moest er weer geschilderd worden, en wel ja een (naakt)model. Dit vind ik zelf helemaal geweldig. Maar eigenlijk was het de bedoeling dat je alleen zwart, wit en rood(magenta) mee nam naar de les. Ehm.. ik had natuurlijk alles in mijn tas gedouwd... Dus was ik volgens Rinke de eigenwijze student , wat hij volges mij ook wel weer leuk vond, die blauw(overal op mijn gezicht te vinden) in het werk gebruikte. Ik vind het zo mooi dat er eigenlijk zo veel kleuren in het menselijk lichaam te vinden zijn. Ik overdrijf wat. Zo had dit mooie meisje rooie haren, ik maakte ze fel(!) rood. Heerlijk.

Dit is mijn stijl, daar ben ik wel achter gekomen. Moet ik er van af of moet ik er mee door.

dinsdag 16 november 2010

Stoeltje 2


Dit is het tweede ontwerp van mijn stoeltje. Ik heb het ontwerp aangepast omdat mijn vorige exemplaar nog al in elkaar donderde.  De bedoeling van deze opdracht was dat je er 'smaak' aan moest geven, nee niet inwrijven met een limonade ofzo. Maar 'smaak' in de trand van je eigen smaak (<-voorbeeld), niet dat het behangetje mijn smaak is. (echt niet!) Anyway, ik had nog wat papier liggen en het leek mij leuk om te proberen hoe klassieke barokke printjes staan bij een heel strak gestileerd stoeltje. Voila, hier het resultaat.

Ik ga nog een model maken omdat ik nog niet tevreden ben met het resultaat. Misschien ontstaat er uiteindelijk wel een heel ander ding, een lamp ofzo.

Antony Gormley, Exposure (2010)



Te zien in Lelystad.

maandag 15 november 2010

Stage dag 2

We begonnen deze morgen iets later, iets waar we allemaal erg blij mee waren aangezien het best een lange dag is en het toch best een stuk rijden is, dus vroeg je nest uit. Eenmaal Astrid en Yvette afgezet te hebben, reden Aïda en ik met een vette omweg(lastig die een richtings weggetjes) naar de school. In het lokaal waren de leerlingen al lekker aan de gang, sommigen nog met tekenen anderen waren al druk aan het zagen en schuren. Dana werd vergezeld door een andere lerares vandaag, natuurlijk erg gezellig, maar het word zo wel snel vol in de klas. Ik merkte dat ik het dan niet zo prettig vond om iets tegen de leerlingen te vertellen, vragen of iets op te dragen. Een leermoment misschien.
Het viel ons al snel op dat er een nieuwe leerling aanwezig was. Een verlegen meid met een ontzettende bos krullen, waar de heren in het gezelschap er van onder de indruk waren. Je merkte dat de heren wat drukker als normaal waren, ze probeerden (onbewust misschien) indruk te maken. De hormonen en testosteron vloog ons om de oren.
Goed, op naar de andere locatie. Het liep een beetje in de soep eigenlijk deze les, omdat de foto's van de leerlingen niet in orde waren. Deze zouden uitgeprint worden zodat de kinderen deze konden natekenen op linoleum. Dana nam hier de verantwoording voor, de leerlingen vonden het uiteraard niet erg. Maar dat betekend niet dat ze niets hoefden te gaan doen! Het nieuwe meisje, Roos, werd opgehaald door de conciërge, ze kreeg een rondleiding door de school en een kluisje toegewezen. Toen ze vertrokken was vertelde Dana de leerlingen om niet meer te lachen, dat dat erg rot is voor het nieuwe meisje. En dat ze zelf goed weten hoe het voelt hoe het is als een groep loopt te grinniken, dat is erg vervelend. De leerlingen begrepen dit en er werd even over gepraat.
Een aantal leerlingen hadden wel een foto en konden gaan teken, maar de omtrek van het gezicht valt al niet mee, waarop ik voorstelde aan Dana om de volgende week een lesje te geven over het tekenen van een gezicht. Dit mocht, leuk!
Deze klas eet altijd de laatste vijf minuten van de les, omdat ze hierna gym hebben. Vrijwel iedere leerling zie je eten behalve een meisje, dit was de vorige keer ook al zo. En kennelijk vaker. Het meisje werd ook na de les even apart gehouden om met haar te praten. Of ze wel goed at e.d. maar ze vertelde (natuurlijk!) dat ze dat wel deed. De school besteed veel aandacht aan het eten op school, hartstikke logisch met een lege maag kun je je minder goed concentreren en ben je snel moe en koud. Dit meisje zit ook altijd naast de verwarming, draait deze open terwijl het al best warm is in het lokaal. Het moeilijke eraan is dat de ouders (gescheiden) niet willen dat ze naar een schoolarts gaat en ontkennen dat ze slecht eet. Dan is het als docent moeilijk om er nog wat aan te doen. Dana wijst haar er wel op dat ze in de 5 minuten dat de andere leerlingen eten, zij dat ook moet doen en haar eten mee moet nemen.

En weer verkassen naar de andere locatie, snel een bak koffie naar binnen gieten en weer gaan! Gelukkig is dit een heerlijk rustige klas en was iedereen al vlot aan het werk. Aïda en ik maakten even een blaadje met onze foto's en een tekstje wie we zijn en wat we komen doen. Wel zo handen voor onze tijdelijke mede collega's. Ik was verbaasd dat toch veel leerlingen de opdracht in twee lessen af hadden gekregen, dat krijg je niet in iedere klas voor elkaar. Het opruimen ging ook vrij gemakkelijk, iedereen werkte mee en er lagen geen snippers op de grond toen de klas uit het lokaal vertrok. (bravo!)
Met de 2R was het gedaan met de rust... Wat een drukte en door die drukte hebben ze heel weinig gedaan. Dana maakte daarom aan het einde van de les een afspraak met de klas; dat ze de opdracht een keer zou uitleggen mits het rustig was, anders moesten ze het zelf maar uitzoeken. Met de consequentie dat er iedere week een opdracht gegeven zou worden die aan het einde van iedere les ingeleverd moet worden voor een cijfer.

Tijdens de CKVles heb ik voornamelijk aantekeningen gemaakt voor mijn verslag. En de reacties bekeken van de leerlingen op de getoonde filmpjes.

Hierna was er weer een rustige klas, met dezelfde opdracht als de 2R klas. Dit ging een stuk vlotter. Ze kwamen er zelf aan toe om de tekening wat verder in te vullen. De opdracht is namelijk een kamer tekenen met perspectief. De kamer heeft een raam en ze moeten dus ook buiten tekenen, daar is het verdwijn punt.
De klas hierna had ook dezelfde opdracht, hier ging het ook wat minder vlot, omdat het ook een drukkere klas is. Omdat ik bij de 2R had voorgesteld om een klassen indeling te maken, ging ik deze klas analyseren. Welke leerlingen zijn wat drukker en welke zijn rustig aan het werk. Erg grappig dat de leerlingen het ook doorhadden en er na vroegen.

woensdag 10 november 2010

Theorie der Kunsten Natuur

Vandaag was het eerste lesje TDK, we kregen een lange uitleg met voorbeelden van verschillende kunstenaars. Ik heb Antony Gormley toegewezen gekregen samen met Maaike.



dinsdag 9 november 2010

Stage dag numero uno

Het zonnetje liet zich nog lang niet zien, toen ik de auto instapte om op weg te gaan naar Winterswijk. De auto vol meiden, hartstikke gezellig, waardoor we uiteraard een afslag misten. Aïda moest nog even wachten in Doetinchem. Maar uiteindelijk kwamen we aan bij de school, welliswaar iets te laat, maar dit gaf niet. Dit werd al verwacht omdat de trein richting Winterswijk nogal waardeloos is, hij rijd niet (op tijd).

Gelukkig waren we wel op tijd voordat de eerste les begon, Dana kwam ons al te gemoed lopen. Loop maar met mij mee, dan gaan we gelijk het lokaal in, vertelde ze ons. Daar zat een klein klas je al 'braaf' te wachten. We stelden ons voor aan de ongeveer 15 leerlingen LWOO(LeerWeg Ondersteunend Onderwijs). Deze konden daarna aan het werk, want ze wouden niets over het weekend vertellen aan ons of hadden niets meegemaakt. Wij bespraken met Dana een beetje hoe het er aan toe gaat op de school, Dana werd vaak onderbroken door leerlingen. Later vertelde ze dat dit komt omdat je deze leerlingen stapsgewijs alle dingen moet uitleggen. Een opdracht volledig opgeven roept vaak vraagtekens op bij de leerlingen. Ook vertelde ze ons wat de school allemaal doet voor deze leerlingen, ze hebben o.a. een eigen locatie, maar hier vertel ik later meer over.

Na twee uur verhuisden we naar een andere locatie, Jan Stienstraweg, ook hier hadden we dezelfde klas als de uren ervoor. Nu hadden ze alleen tekenen, maar Dana gebruikte de les even als mentor les. Zo werd de leerlingen gevraagd naar welke richting ze het liefst naartoe wilden, of ze ergens problemen hebben, werden de vragen van leerlingen beantwoord en ze kregen de cijfers terug van een so van vorige week. Ik merkte vooral op dat deze leerlingen een erg goede mentor hebben. Deze les vloog voorbij en nu hadden we een pauze, die wel heel erg kort is, omdat we weer naar een andere locatie moesten vertrekken.

Nu zaten we op locatie Zonnebrink, het grootste gebouw en de locatie waar de andere twee dames (Astrid en Yvette) ook stage lopen. Als eerste hadden we een havo 3, ook hier stelden we ons voor. Er waren geen vragen en de leerlingen gingen aan de slag met het maken van een kerstkaart uit zelf uitgescheurde snippers uit tijdschriften. De heren in het gezelschap gingen mokkend toch aan het werk, maar zelf de heren hadden na een lesuurtje een mooie achtergrond gecreëerd. Omdat het lekker rustig was werd de radio erbij aangezet. Het opruimen ging in deze klas ook zonder enige problemen (wat een brave leerlingen). Maar dat was snel verdwenen toen met veel herrie de 2R (havo) klas kwam binnen stormen. Deze klas is groter als de vorige klas en heel erg druk. Wij konden ons amper voorstellen, omdat er continu overheen werd geschreeuwd. Heel vervelend. Wel werd er door een paar jongentjes nog gevraagd hoe oud we waren, heel grappig dat ze erna begonnen te giechelen als kleine meisjes. Toch ook wel schattig pupers. De klas kreeg een so tekenen (iets wat ik nog nooit heb gehad!) maar ondanks dat werd er nogsteeds onderling gekakeld met elkaar. Aïda en ik overlegden een beetje met elkaar hoe we dat zouden aanpakken, moeilijk hoor welke beslissing je dan moet nemen. Opmerkelijk vond ik het wel dat een jongen uit zich zelf ergens apart ging zitten, omdat hij zijn vriendjes irritant vond. Wel een heel goed eigen initiatief. De radio ging natuurlijk, in grote telleurstelling van de klas, niet aan. Maar beter ook, want het was mij al veel te druk in de klas.

Nu hadden we wel een hele pauze, we hoefden niet te verkassen deze keer. In de pauze kwamen we Astrid en Yvette tegen en werd er onderling, onder genot van een heerlijk warme soep (applaus voor de Driemark!), van alles uitgewisseld. Hoe het was natuurlijk, welke klassen we hadden gehad, wat we er van vonden en ga zo maar door. Nog snel een appeltje naar binnen proppen (jawel vitamientjes!) en door naar het volgende lokaal. Een trap omhoog, langs de mediatheek en dan... sta je op een zoldertje. Wat een grappig lokaaltje zeg. Hier hadden we H4C, geen tekenen of handvaardigheid dit maal, maar een CKV les. Het ging over de stad, met een beetje Arnhem (ook omdat ze hier een excursie naartoe hebben gehad voor CKV) als voorbeeld. Of je het verkeer er positief of negatief vind, of de winkels, de kunst enz. Uiteindelijk werd het klassikaal besproken en zag je wat iedereen had geantwoord. De leerlingen konden dan invullen of de klas er positief of negatief tegenvoer stond, daar rolden natuurlijk discussies uit. Onder tussen keken wij in wat verslagen die Dana, had nagekeken, van het uitje in Arnhem. Erg leuk om te lezen wat de leerlingen er van vonden. Met Dana hadden we het er nog over wat we ongeveer wilden gaan doen, van haar was van alles mogelijk en we mochten van alles voorstellen.
Omdat Astrid en Yvette al klaar waren mochten wij nu ook eerder naar huis, en om eerlijk te zijn vond ik dat helemaal niet erg. Ik had de knollen al aardig op, best vermoeiend weer de eerste stage dag.

zondag 7 november 2010

Competenties

De stage komt er aan een belangrijk onderdeel daarvan is er even bij stil staan waar je nu staat, dit kun je na aanleiding van de competenties het makkelijkst verdelen.

Een beschrijving van de SBL-competenties

Hieronder zijn de competenties met een beknopte toelichting beschreven.

1. Interpersoonlijk competent

De leraar vo en bve moet ervoor zorgen dat er in de groepen waarmee hij werkt, een prettig leef- en werkklimaat heerst.
Een leraar die interpersoonlijk competent is, geeft op een goede manier leiding. Zo’n leraar schept een vriendelijke en coöperatieve sfeer en brengt een open communicatie tot stand.
Zo’n leraar bevordert de zelfstandigheid van de leerlingen/deelnemers en zoekt in zijn interactie met de leerlingen/deelnemers een goede balans tussen:
• leiden en begeleiden
• sturen en volgen
• confronteren en verzoenen
• corrigeren en stimuleren

2. Pedagogisch competent

De leraar vo en bve moet de leerlingen/deelnemers helpen een zelfstandig en verantwoordelijk persoon te worden die o.a. een goed beeld heeft van zijn ambities en mogelijkheden.
Een leraar vo en bve die pedagogisch competent is, biedt de leerlingen/deelnemers in een veilige leer- en werkomgeving houvast en structuur bij de keuzes die zij moeten maken en hij bevordert dat zij zich verder kunnen ontwikkelen. Zo’n leraar zorgt er voor dat de leerlingen/deelnemers:
• weten dat ze erbij horen, welkom zijn en gewaardeerd worden
• op een respectvolle manier met elkaar omgaan en uitgedaagd worden om verantwoordelijkheid voor elkaar te nemen
• initiatieven kunnen nemen en zelfstandig kunnen werken
• hun affiniteit en ambities leren ontdekken en op basis hiervan keuzes kunnen maken m.b.t. hun studie en loopbaan



3. Vakinhoudelijk en didactisch competent

De leraar vo en bve moet de leerlingen/deelnemers helpen zich de leerinhouden van een bepaald vak of beroep eigen te maken en vertrouwd te raken met de manier waarop die in het dagelijkse leven en in het werk gebruikt worden. Ook helpt hij de leerlingen/deelnemers zicht te krijgen op wat zij in de samenleving en in de wereld van het werken kunnen verwachten.
Een leraar die vakinhoudelijk en didactisch competent is, creëert een krachtige leeromgeving, o.a. door het leren in verband te brengen met realistische en voor de leerlingen/deelnemers relevante toepassingen van kennis in beroep en maatschappij
Zo’n leraar:
• stemt de leerinhouden en ook zijn doen en laten af op de leerlingen/deelnemers en houdt rekening met individuele verschillen
• bepaalt met de leerling diens (individuele) leertraject, met bijvoorbeeld mogelijkheden voor leren in en buiten school en leren in de context van de beroepsuitoefening
• motiveert de leerlingen/deelnemers voor hun leer- en werktaken, daagt hen uit om er het beste van te maken en helpt hen om ze met succes af te ronden
• leert de leerlingen/deelnemers leren en werken, ook van en met elkaar, om daarmee onder andere hun zelfstandigheid te bevorderen

4. Organisatorisch competent

De leraar vo en bve draagt zorg voor de organisatorische zaken die samenhangen met zijn onderwijs en het leerproces van de leerlingen/deelnemers in de school en op de werkplek
De leraar vo en bve die organisatorisch competent is, zorgt ervoor dat de leerlingen/deelnemers een ordelijke en taakgerichte omgeving treffen
Waar het leren zich op verschillende plaatsen afspeelt (bijvoorbeeld op verschillende plaatsen in de school, stages, leerbedrijf, buitenschoolse projecten) zorgt de leraar (eventueel in samenspraak met andere begeleiders) voor afstemming tussen de verschillende plaatsen.
Zo’n leraar zorgt er dus voor dat de leerlingen/deelnemers:
• weten waar ze aan toe zijn e welke ruimte ze hebben voor eigen initiatief
• weten wat ze moeten (of kunnen) doen, hoe en met welk doel ze dat moeten (of kunnen) doen.



5. Competent in samenwerken met collega’s

De leraar vo en bve moet ervoor zorgen dat zijn werk en dat van zijn collega’s in de school goed op elkaar zijn afgestemd. Hij moet ook bijdragen aan het goed functioneren van de schoolorganisatie.
Een leraar die competent is in het samenwerken met zijn collega’s, levert zijn bijdrage aan een goed pedagogisch en didactisch klimaat op zijn school, aan goede onderlinge samenwerking en aan een goede schoolorganisatie.
Dat wil zeggen dat zo’n leraar:
• goed met collega’s communiceert en samenwerkt
• een constructieve bijdrage levert aan vergaderingen en andere vormen van schooloverleg en aan werkzaamheden die moeten worden uitgevoerd om de school goed te laten functioneren
• een bijdrage levert aan de ontwikkeling en verbetering van zijn school

6. Competent in samenwerken met de omgeving

De leraar vo en bve moet contact onderhouden met de ouders of verzorgers van de leerlingen/deelnemers en met collega’s van (leer)bedrijven en instellingen waar zijn school voor het onderwijs en de leerlingen-/deelnemerszorg mee samenwerkt. Hij moet er ook voor zorgen dat zijn professionele handelen en dat van anderen buiten de school goed op elkaar afgestemd zijn. Bovendien moet hij er aan meewerken dat de samenwerking van zijn school met die bedrijven en instellingen goed verloopt.
Zo’n leraar zorgt ervoor dat:
• er een goede communicatie en afstemming is met ouders of verzorgers van de leerlingen/deelnemers
• er – in overleg met de leerling – een goede communicatie en afstemming is tussen school, leerling en bedrijven of instellingen waar de leerling (in het kader van zijn opleiding) mee te maken heeft
• er een doeltreffend gebruik gemaakt wordt van het professionele netwerk van de school als het gaat om de opleiding van de leerling of de zorg voor de leerling
• hij de contacten namens de school op een verantwoorde en zorgvuldige wijze onderhoudt met de omgeving van de school

7. Competent in reflectie en professionele ontwikkeling

De leraar vo en bve moet zich voortdurend verder ontwikkelen en verder professionaliseren.
Een leraar die competent is in reflectie en ontwikkeling, denkt regelmatig na over zijn beroepsopvattingen en zijn professionele bekwaamheid. Zo’n leraar streeft ernaar zijn beroepsuitoefening bij de tijd te houden en te verbeteren.
Zo’n leraar:
• Weet goed wat hij belangrijk vindt in zijn leraarschap en van welke waarden normen en onderwijskundige opvattingen hij uitgaat
• Heeft een goed beeld van zijn eigen competenties, zijn sterke en zwakke kanten
• Werkt op een planmatige manier aan zijn verdere ontwikkeling
• Stemt zijn eigen ontwikkeling af op het beleid van zijn school en benut de kansen die de school biedt om zich verder te ontwikkelen



Lijst van gedrag voor beginnende studenten in de praktijk per competentie

1. Interpersoonlijk competent

• Contact met leerlingen: Heeft amper zicht op wat leerlingen bezighoudt. Mijdt lastige leerlingen en situaties. Leidt (en lijdt).
• Communicatie: Communiceert moeizaam en luistert niet goed. Is eigen en andermans emoties niet de baas.

2. Pedagogisch competent

• Leeromgeving: Het (niet) handelen in de klas bevordert geregeld eerder chaos dan orde. Laat gedrag vrijwel volledig leiden door het groepsgebeuren.
• Leerlingen: Heeft vooral ook voor ‘de klas’ en amper voor individuele leerlingen.

3. Vakdidactisch competent

• Vakkennis: Loopt geregeld op tegen tekort aan inhoudelijke kennis. Volgt de inhoudelijke lijn van het schoolboek. Beargumenteert inhoudelijke keuzes niet. Schakelt amper tussen abstract en concreet. Maakt het vak (nog) niet aantrekkelijk voor leerlingen, is (nog) niet bezig met de vraag naar relevantie.
• Leeractiviteiten: koppelt leeractiviteiten niet aan leerdoelen. Is weinig gericht op leeropbrengst. Gebruikt vrijwel alleen aanbiedende werkvormen.
• Differentiatie: Maakt amper onderscheid tussen leerlingen. Spijkert bij met standaardoefeningen.
• Evaluatie: Gebruikt toetsen en correctiemodellen van collega’s of het schoolboek.



4. Organisatorisch competent

• Leeromgeving: Geeft opdrachten zonder doelen en verwachtingen. Bereidt alleen eigen aandeel in de les voor. Heeft sporadisch overzicht tijdens de les.
• Planning: Onrealistisch en weinig flexibel in de planning. Organisatie-eenheid in de les.

5. Competent in het samenwerken met collega’s

• Delen en deelnemen: Heeft vrijwel alleen contact met spd. Loopt (observerend) mee in een team. Verkent het pedagogisch-didactisch klimaat.
• Grenzen: Ondergaat werkdruk zonder grenzen aan de geven.

6. Competent in het samenwerken met de omgeving

• Doelmatig contact: Schrikt terug voor contact met de omgeving. Levert als gesprekspartner nog nauwelijks constructieve bijdragen.

7. Competent in reflectie en onderzoek ten dienste van ontwikkeling

• Zelfbeeld: Heeft nog geen realistisch beeld van eigen sterke en zwakke kanten.
• Reflecteren: Reflecteert nog amper op het eigen handelen.
• Onderzoeken: Onderzoek met betrekking tot de beroepspraktijk is nog geen punt van overweging in het dagelijks handelen als docent.